In 2014 liep ik van Wateringen in Nederland (in het Westland) naar Fisterra in Spanje (ten westen van Santiago de Compostela).
Daarna besloot ik om niet terug te keren naar Nederland, maar verder te zwerven. Onderweg werk ik (meestal voor kost en inwoning).

Algemeen, Emmaüs

3e Verjaardag

Wie heel goed heeft opgelet, weet dat dit bericht eigenlijk een paar dagen geleden al gepubliceerd had moeten worden: de verjaardag van mijn nieuwe leven valt op 5 mei; op 5 mei 2014 leverde ik mijn sleutel in, en begon ik mijn wandeling naar Santiago de Compostela.
Helaas moest ik, toen ik op de ochtend van 5 mei 2017 probeerde in te loggen, constateren dat mijn trouwe laptopje het uiteindelijk, na duizenden kilometers in een rugzak en vele andere omzwervingen en avonturen, voor gezien hield; het bijltje erbij neergegooid had; de pijp aan Maarten gegeven had; de handdoek in de ring gegooid had; z’n laatste adem uitgeblazen had; de open plek aan het einde van het pad bereikt had; afgereisd was naar de eeuwige jachtvelden; een tuintje op zijn buik ging kweken; definitief gestopt was met roken. Wie tussen de regels door leest, snapt al dat mijn laptop het niet meer doet. Misschien kan ik ‘m ooit nog nieuw leven inblazen, maar ik heb momenteel enorm weinig zin om me erin te verdiepen. En dus moest ik een paar dagen wachten met het afmaken en publiceren van dit bericht, waaraan ik op de avond van 4 mei al begonnen was, totdat er een apparaat gedoneerd zou worden dat ik zou kunnen gebruiken. En dus zit ik me nu kapot te ergeren aan een tablet. Ik snap werkelijk niet hoe die dingen de wereld hebben kunnen veroveren; wat is dit een verzoeking…

Maar goed, je hebt recht op een nieuw bericht, en ik trouwens ook, dus hieronder het bericht dat ik gelukkig voor het grootste deel vorige week al getikt heb.

Mijn leven is momenteel niet zo avontuurlijk als in het jaar voor de eerste verjaardag van mijn nieuwe leven, maar mijn derde verjaardag verdient toch wel een berichtje. Al is het alleen maar om te laten zien dat ik, ondanks dat gebrek aan avontuur, nog steeds leef.

Ik zit nog steeds bij Emmaüs in Rodez, en heb het redelijk naar mijn zin. Ik zeg ‘redelijk’ in plaats van ‘prima’, omdat ik nog contact heb met 2 peregrina’s die ik afgelopen jaar ontmoet heb toen ik in gîtes werkte, en die allebei praten over het lopen van een nieuwe camino, en 1 van de 2 bovendien over het starten van een gîte die ze graag door mij zou laten runnen; nee, dit gaat niet over liefde of verliefdheid, maar over het avontuur dat weer trekt, en dat ik zo mis…
Toen ik mijn eigen camino liep, heb ik verschillende pelgrims ontmoet die hun 2e, 3e, …, 10e camino liepen, en ik begreep dat niet: wat is er zo leuk aan slapen in een zaal met stapelbedden, aan uitgeknepen worden door de enige gîte-eigenaar in de regio, of aan het eten van een bord keukenafval dat verkocht wordt onder de naam ‘Menu Peregrino‘? Maar inmiddels begrijp ik dat het gaat om het avontuur, om de onzekerheid over de slaapplaats, om de ontmoetingen. Om de deur waar je aanklopt voor water in je drinkfles, waar je dan ongevraagd een paar ijsklontjes of een scheut siroop in krijgt. Om de boerderij waar je vraagt of je je tent mag opzetten, en waar je vervolgens wordt gevraagd of je wilt mee-eten, of waar je de logeerkamer aangeboden krijgt (of allebei).

Het is tijd voor een nieuw avontuur. En het mooie is dat een nieuw avontuur zich ook aandient. Ik weet alleen nog niet welk avontuur.

Bij Emmaüs doe ik inmiddels de verkoop van de elektro (radio’s, koelkasten, lampen, etc.). Vanwege het ongelukje met mijn rug was de vrachtwagen even geen optie, en degene die de elektro verkocht was weggestuurd omdat hij teveel geld in eigen zak stak; ik wilde graag wat doen — hoewel de responsable bleef (en blijft) benadrukken dat ik niets moet forceren — en dus was 1 en 1 twee. Ik heb gevraagd of ik ook de elektro-werkplaats kan overnemen; ik denk dat het antwoord ‘ja’ zal zijn. Op die manier heb ik in ieder geval zelf controle over hoelang ik hier blijf.
Ik heb aan de responsable aangegeven dat ik zelf ook responsable wil worden (mijn eigen Emmaüs-vestiging wil runnen); dat is waar het verwachte volgende bericht eigenlijk over moest gaan. Maar ik heb inmiddels door dat hier iets venieuwends gedaan krijgen, een beetje te vergelijken is met tot je navel in de modder staan terwijl je probeert een bal weg te schoppen: het idee is mooi, maar het resultaat laat op zich wachten. Hij heeft beloofd aan wat touwtjes te trekken, maar dat is inmiddels 2 maanden geleden, en sindsdien heb ik er niets meer over gehoord.
Ik spaar dus maar wat ik sparen kan, en doe af en toe een zwart klusje om wat extra te kunnen sparen.

Wat me op het volgende, verheugende nieuws brengt: ik heb inmiddels genoeg centjes op de bank om een bestelbus te kunnen kopen! Ik heb een website gevonden waar je tweedehandsjes kunt kopen van gemeenten en andere overheidsinstellingen, en daar moet ik mijn bonheur (‘geluk’) wel kunnen vinden. De komende 2 weekenden (minstens) ben ik nog bezig met behangen, verven en een keuken plaatsen, om de vooruitbetaalde inkomsten te verantwoorden, maar zodra ik een maandag vrij heb, ga ik langs bij de politie en de prefectuur om te informeren hoe ik een auto op mijn naam zet.
Het eerste dat ik doe als ik een bus heb, is naar Nederland rijden om wat mensen van mijn rommel te verlossen, en, eigenlijk veel belangrijker, bij te bieren met de vrienden die ik al 3 jaar niet gezien heb.

Een derde avontuur dat wellicht gaat plaatshebben (na electro bij Emmaüs en mijn bestelbus) is, zoals ik al liet doorschemeren, een gîte. De regelmatige lezer weet dat ik daar al eerder mee bezig was, maar dat dat niet gelukt is. Momenteel ben ik vrij ver verwijderd van de Chemin de Saint-Jacques (in spirit, want eigenlijk kan ik er in 2 dagen naartoe lopen; op de vrachtwagen heb ik ‘m verschillende keren gekruisd), maar ik heb nog contact met een peregrina die ik heb ontmoet toen ik afgelopen zomer in Uhart-Mixe in een gîte werkte, die op de camino haar nieuwe liefde ontmoet heeft, en nu met die liefde een gîte voor pelgrims wil beginnen; maar ze hebben geen van beide een idee hoe je dat eigenlijk doet, en zij was erg onder de indruk van mijn gastvrijheid. Goed, ik moet afwachten of zij haar scheiding doorzet om verder te gaan met haar nieuwe liefde, en vervolgens of ze samen ook echt een gîte beginnen, maar als dat alles gaat gebeuren, ben ik vrij zeker van een baan. Maar ik denk dat dat op z’n vroegst volgend jaar zal zijn.

En tot slot is er dan nog plan… D?, E?
Nou ja, hoe dan ook. Als ik eenmaal mijn bestelbus heb, en ik mijn Nederland-na-3-jaar-kater uitgeslapen heb, kan ik me heel goed voorstellen dat ik niet terugkeer naar Emmaüs Rodez, maar van seizoenswerk naar seizoenswerk ga trekken. Eventueel kan ik dan weer een Emmaüs-vestiging zoeken om de winter door te komen.

Dat wat betreft de toekomst.

Wat betreft het ‘nu’ zijn er 2 zaken die spelen (4, als je de klus die mijn weekenden opslokt, en de elektro bij Emmaüs, meetelt): ik heb eindelijk een grotere kamer, en mijn rug gaat steeds beter.
De kamer is best gezellig geworden, voor zover dat mogelijk is in 15 vierkante meter. Foto’s volgen zodra ik een echte laptop heb gevonden.
En hoewel ik nog steeds physiotherapie nodig heb voor mijn rug, heb ik ook af en toe het idee dat ik niet de enige ben die er plezier in heeft het een beetje te rekken; de oefeningen en het rekken en strekken zijn medisch helemaal te verantwoorden, maar of die massages nog noodzakelijk zijn…? Hierover wellicht later ook nog nieuws.

roblalau.net

Banaanappel

Nieuw bericht op mijn andere blog (categorie Aan de kook, Nerd stuff):
Banaanappel

Emmaüs

Dit is niet het volgende bericht

Nee, dit is niet het beloofde ‘volgende blogbericht’. Laten we zeggen dat dit een tussenberichtje is, om het thuisfront te laten weten dat ik nog leef. (Natuurlijk wil ik niets liever dan van de daken te schreeuwen wat ik te melden denk te hebben, maar ik begin — eindelijk, op mijn 46e — te leren dat ik me niet altijd moet laten meeslepen door mijn enthousiasme, maar soms even moet wachten tot er zekerheden of garanties zijn.)

Dus, jullie nieuwsgierigheid negerende, kan ik het volgende melden:

De rug gaat elke dag een beetje beter, maar toch begint het me een beetje de keel uit te hangen. Ik werk over het algemeen halve dagen, en soms zelfs hele dagen niet. Afgelopen vrijdag hebben we donné un coup de main (‘een handje geholpen‘) in de salle de meubles (‘de meubelzaal‘). En natuurlijk kon ik — jonge god die ik sinds mijn wandeling weer ben, in ieder geval in de spiegel — het niet nalaten ook wat meubels te verplaatsen. Waardoor ik de hele zaterdag weer op bed lag, omdat bewegen geen optie was.
Het contrast: een collega brak vorige week een botje in zijn elleboog — de röntgenfoto liet er geen twijfel over bestaan — ; 10 dagen niet werken, en daarna niet meer meuten. Waarom kan het voor mij ook niet op die manier opgelost worden?
Maar goed, het is zoals het is. Deze week heeft Cyril (de andere chauffeur) een week vakantie, en dus werk ik hele dagen; althans, dat ga ik proberen: als het niet lukt, ga ik me gewoon weer, als een mietje, in mijn bed verstoppen.
Overigens is het niet allemaal ellende: het enige andere probleem dat ik in deze situatie heb, is dat ik, als een knappe jonge vrouw (mijn fysiotherapeute) mijn billen masseert, moet uitkijken dat ik niet al te erotische fantasieën krijg (blijkbaar ben ik ook maar een mens)…

De sfeer hier is heel goed. Gisteren was Bakary (wat in Congo of Senegal of ergens in die regionen een heel normale naam is) jarig, en het was een familiedag zoals ik die in mijn eigen familie nooit heb mogen kennen. De responsable (‘leidinggevende‘) is even langsgeweest, maar heeft ervoor gekozen zich alleen op de werkvloer te melden, zodat hij niet zou zien dat er op het feest wellicht wat alcohol geconsumeerd werd (wat officieel niet toegestaan is); die sfeer heerst hier zo’n beetje.
Aangezien ik niet weet wie deze website allemaal lezen, kan ik niet vermelden of er inderdaad alcohol aanwezig was.

Verder heb ik inmiddels sinds een tijdje een bril; ik geloof niet dat ik dat al gemeld had. Ik zou ‘m eigenlijk ophalen op de dag dat ik het ziekenhuis in ging, maar dat werd een paar weken later. Ik heb er even aan moeten wennen, maar inmiddels weet ik niet beter (behalve dat ik ‘m nog steeds afzet als ik klaar ben achter mijn laptop, zoals ik met mijn leesbril ook altijd deed).
De bril is betaald door Emmaüs, en ik heb zelf 30€ bijgelegd voor een zonnebril op sterkte.

Over geld gesproken: voor het eerst in mijn leven lukt het me te sparen. En dat terwijl ik nog nooit zo weinig verdiend heb. Ik ben inmiddels op een halve bestelbus (in 4 maanden!).

En laat ik er dan tot slot nog een paar foto’s bij doen; dit is het huis waar we met z’n allen wonen:

Links het huis zelf, met tweede van rechts (of vijfde van links) het raam van mijn kamer; volgend weekend hoop ik eindelijk te verhuizen naar een grotere kamer: Sylvain, die werk gevonden heeft buiten Emmaüs, heeft van de week getekend voor zijn appartement.
Rechts een foto vanuit een iets andere hoek, zodat je de parkeerplaats/petanque-baan kunt zien, evenals het gazon waar we, naar verluidt, van de zomer regelmatig zullen barbecuen.

En daar laat ik het voorlopig bij. Niet het bericht waar je op zat te wachten, maar laten we eerlijk zijn: je moet ook niet op berichten gaan zitten wachten.
:-)

Emmaüs

Ontslagen

Ontslagen uit het ziekenhuis, welteverstaan. Daar lag ik de afgelopen week.

Vorige week vrijdag haalden we een huis leeg in Rodez (niks illegaals: ’t is m’n werk). We waren met z’n zessen, en het was mijn taak de meubels te demonteren die niet in de lift pasten. Ik was bezig met een bed, en had de bedbodem rechtop tegen de muur gezet. En dan niet zo’n lullig lattenbodempje dat voor Ikea-bedden gebruikt wordt, maar een houten bak met springveren erin en een linnen doek erover, zoals ze vroeger gemaakt werden; een kilo of 20-25, denk ik. Waarschijnlijk heb ik het ding geraakt terwijl ik het bed demonteerde, want hij viel om. En omdat hij achter mij stond/viel, merkte ik dat pas toen hij mijn rug raakte. Ik heb zelden zo’n pijn gehad.
Gelukkig waren we in Rodez, en niet in één van die kleine dorpjes op het platteland, dus de rit naar de Urgences in het ziekenhuis was niet heel lang. Alwaar ik direct de scanner in moest, en vervolgens languit op bed met een flinke dosis morfine. Ik was bang dat er iets gebroken was, maar dat was gelukkig niet het geval. Maar de opdonder was zwaar genoeg om op de scan te zien te zijn — wat met een ‘gewone’ kneuzing of blauwe plek niet het geval is —, en dus mocht ik nog even blijven, en pompte men de morfine ook nog even door.

Frankrijk is een enorm gemedicaliseerde samenleving: drogisterijen zoals in Nederland kennen we hier niet (zelfs voor een gewone pijnstiller moet je naar de apotheek), en het aantal apotheken is dan ook niet te tellen; verder kom je overal medische laboratoria tegen, en wordt je op tv en in de krant doodgegooid met reclame voor genezende en preventieve medicijnen. De verpleegster schrok dan ook een beetje toen ik zaterdag- of zondagavond (ik ben de tel kwijt) zei dat ik geen morfine meer wilde; ze moest dat even met de dokter overleggen, maar die was er de volgende dag pas weer. Ik hield voet bij stuk, en accepteerde de morfine-vrije, en dus minder sterke pijnstiller die ze me uiteindelijk aanbood.
Toen de dokter de volgende dag langskwam, had hij al gehoord dat ik ’s ochtends inmiddels al een klein rondje over de etage gelopen (nou ja, gestrompeld) had, en hij had er geen probleem mee dat ik geen morfine meer wilde; hij leek het zelfs wel te waarderen dat ik het heft voor mijn herstel een beetje in eigen hand nam.

Na het weekend was het ziekenhuispersoneel weer op volle sterkte, en kreeg ik fysiotherapie, warmtebehandelingen, en een apparaat dat zwakke elektrische stroompjes geeft, om de doorbloeding te stimuleren.
In het weekend was er nog sprake van geweest dat ik misschien maandag het ziekenhuis weer kon verlaten, maar daar zagen we maandagochtend unaniem van af.

Verschillende compagnons zijn in de loop van de week even bij me langsgeweest, en dat deed me goed. Ik ben hier onder mensen die het belang van solidariteit kennen.

Gisteren had ik een slechte dag, en de verpleegster was opgelucht dat ik de morfine aannam die ze me aanbood, maar dan wel 5 milligram, de lichtste die ze had.
En vanmorgen ging het weer redelijk, en dus mocht ik, na een laatste bezoek van de kine (fysiotherapeut), het ziekenhuis verlaten. Ik kreeg wel een hele lijst mee voor de apotheek — 3 verschillende medicijnen, plus een gordel die ik om moet als ik moet tillen —, mag in ieder geval deze week nog niet werken, moet een fysiotherapeut bezoeken, en moet over een maand weer terugkomen voor een controle; het apparaat voor de elektrische stroompjes heb ik van het ziekenhuis meegekregen, moet ik 4 keer per dag 1 tot anderhalf uur gebruiken, en mag ik maximaal een half jaar houden.
Maar ik ben in ieder geval verlost van die deprimerende ziekenhuisomgeving (omdat ik geen afspraak gemaakt had voordat ik me liet afleveren bij de Noodgevallen, was er geen ruimte voor me bij de andere rugpatiënten, en lag ik, in een eigen kamer, op de afdeling geriatrie).
Het eten was trouwens ook vreselijk. Ik weet het: dat is altijd zo in ziekenhuizen; maar voor een land dat zo beroemd is om haar keuken, vond ik het toch raar.

En zo had ik eindelijk weer eens wat te vertellen op mijn blog.
Ik hoop dat het volgende verhaaltje wat pijnlozer komt.

Algemeen

Fotodump(je)

Ik had wat foto’s beloofd. Hier zijn ze dan.
Ik realiseer me net dat ik nog erg weinig foto’s heb van mijn omgeving hier in Rodez; die volgen zodra ik tijd heb om ze te maken (dit weekend 2 verhuizingen; de verhuizing van afgelopen weekend ging niet door, en halen we dit weekend in).

Ik begin met 2 foto’s die niks met mijn avontuur te maken hebben. Het viel me gewoon op, en voor mij laat het perfect zien hoe je je kapot moet schamen als je kind in marketing werkt.

Iets heel anders dan: de kathedraal van Auch, die (aan het begin van de avond) boven het centrum uit torent. Gewoon een mooi plaatje.

Door Auch loopt ook een Jacobsweg: de GR653, een variant op de GR65 oftewel de Chemin du Puy.

Le logement d’urgence in Condom. Het heeft voor mij wel wat van de refuges voor pelgrims die ik heb gezien op de Voie de Vezelay (maar Condom ligt op de Chemin du Puy, en daar verwachten de pelgrims iets meer).

En nog wat plaatje uit Condom.

De eerste week bij Emmaüs in Rodez had ik de chambre de passager.

Emmaüs Rodez heeft.verschillende hallen: meubles (meubelen), bibelots (servies en snuisterijen), vêtements et jouets (kleding en speelgoed), en een kleine kledingwinkel in het centrum; dit is meubles.

En dit is de kamer die ik nu heb.

Emmaüs

Je ne peux pas t’aider…

Je ne peux pas t’aider, je n’ai rien à te donner.
Mais toi, tu peux m’aider à aider les autres.

Ik kan je niet helpen, ik heb niets dat ik je kan geven.
Maar jij kunt mij helpen de anderen te helpen.

Die twee zinnen spelen nu al weken door mijn hoofd, en ik vind ze prachtig.
Omdat ze nu weer boven kwamen drijven (op de achtergrond laat de tv een programma zien waarin een dorp in actie komt om het huis van een buurfamilie af te bouwen dat half-af is achtergelaten door een failliete aannemer), vond ik het tijd om ze maar eens te delen.

In november 1949 ontmoette Henri Antoine Grouès — beter bekend als l’abbé Pierre (‘abt Pieter‘) — Georges Legay, een suïcidale dakloze. L’abbé Pierre heeft toen bovenstaande tegen Georges gezegd (het kan een beetje opgeschuurd en gevernist zijn met het verstrijken van de tijd, zoals vaak gebeurt met historische gebeurtenissen). Georges nam de uitdaging aan, en werd daarmee de eerste compagnon d’Emmaüs.
Naar aanleiding van die gebeurtenis richtte l’abbé Pierre de Emmaüs-beweging op, en het aantal mensen in nood dat sindsdien bij Emmaüs (inmiddels 350 organisaties in 37 landen) onderdak, werk en waardigheid heeft gevonden, is niet te tellen; en daarnaast zijn er dan nog de mensen die in een huis wonen dat gebouwd is en tegen een fatsoenlijke prijs verhuurd wordt door Emmaüs, de mensen die van een Emmaüs-winkel gratis een inrichting voor hun appartement/kamer aangeboden kregen (ik heb er inmiddels een paar bezorgd), de mensen die voor kortere of langere tijd gebruik maakten van de noodopvang die Emmaüs biedt, de waterputten en andere zaken die Emmaüs in arme landen gebouwd heeft, enzovoort.

Ik neem duizend petten af voor l’abbé Pierre.
Maar waar het uiteindelijk om gaat, niet alleen bij Emmaüs, maar in het leven, dat zijn die twee zinnen: als we allemaal de anderen helpen, winnen we allemaal.

Algemeen

Kadootje

Vandaag mijn spullen wezen ophalen in Lanne-Soubiran. 5 Uur in de bestelbus heen, en 5 uur in de bestelbus terug. Pfff…

Maar wat ik dus helemaal vergeten was, is dat ik in oktober, bij het inpakken van mijn spullen, een half flesje rum in één van de dozen had gedaan, onder het motto ‘Wat zal ik het leuk vinden om dat te vinden als het tijd is om de dozen weer uit te pakken.‘.
En daar had ik gelijk in. :yahoo:
Proost!

Soms is het best leuk om een geheugen als een vergiet te hebben.

Emmaüs

Het kabbelt, maar wel de goeie kant op

Een maand geleden is het alweer, dat ik voor het laatst een ‘echt’ stukje schreef. De tijd vliegt.

Maar eerlijk gezegd is er ook niet heel veel gebeurd om over te schrijven.
Ik zit 5 dagen per week op de vrachtwagen. Nou ja, dagen… Het is tot nu toe nog niet gebeurd dat we een volle dag werk hadden.
En in mijn vrije tijd programmeer ik een beetje. Gewoon, hobbyprojectjes. Heerlijk om te doen waar je goed in bent, vooral als er geen klant of baas over je schouder meekijkt, en je je helemaal kunt laten gaan, en elke impuls kunt uitwerken, om hem vervolgens weg te gooien. Bovendien word je van de tv, ook in Frankrijk, nou eenmaal niet echt vrolijk.

Aanstaande dinsdag heb ik een afspraak met le responsablede baas, zeg maar, hoewel de organisatie hier heel plat is — om te praten over formations (opleidingen, cursussen, workshops). Emmaüs heeft een heel scala aan formations, op verschillende gebieden. Maar die zijn niet allemaal beschikbaar voor compagnons. In feite is slechts een klein deel open voor compagnons, en dat zijn niet de meest interessante (afvalscheiding, de waarde van tweedehands meubels inschatten, fietsen repareren, …). De cursussen voor vrijwilligers zijn al een beetje minder suf, en de cursussen voor werknemers zijn het interessantst: daar zitten zaken bij als ‘rechten van buitenlanders in Frankrijk’, ‘begeleiding van families in nood’, etc. En dus heb ik aangegeven dat ik één of meer van die interessantere cursussen wil volgen.
Tijdens mijn wandeling naar Compostela had ik al besloten dat ik niet meer terug wilde in business, maar mijn tijd wilde besteden aan het helpen van mensen die dat nodig hebben. Na een paar niet-altijd-geslaagde klussen bij particulieren tegen kost en inwoning, en een teleurstellend hoog toeristen-gehalte onder pelgrims naar Santiago de Compostela op de Chemin du Puy, had ik eind vorig jaar al het idee dat ik in de wereld van de daklozen wellicht een terrein had gevonden waar ik iets kon betekenen, maar ik wist nog niet hoe ik dat moest aanpakken. En wellicht heb ik nu bij Emmaüs de organisatie gevonden waar ik dat vorm kan geven.
Ik wil proberen — op termijn — een echte baan bij Emmaüs te vinden, tegen een echt salaris. En de leidinggevende in Rodez lijkt daarvoor open te staan. Dinsdag weet ik welk idee hij in zijn hoofd heeft.

Mocht dat allemaal niet lukken, dan ben ik ook nog stapje voor stapje op weg naar mijn bestelbus. Voor het eerst in mijn leven spaar ik: ik geef zo weinig mogelijk uit, en de rest gaat naar de bank. Bovendien verdien ik af en toe een extraatje met verhuizingen of andere klusjes — soms zijn er mensen die vragen of er compagnons in het weekend beschikbaar zijn voor een paar extra handen — en ook dat gaat netjes naar de bank.
Na de verhuizing van morgen ben ik op een kwart bestelbus. :-)

Aanstaande maandag rijd ik met de bestelbus van Emmaüs naar de Gers, om mijn spullen bij Marinette op te halen. Over een week of 2, 3 vertrekt er een compagnon, en krijg ik zijn (grotere) kamer. Tot die tijd moet ik dan nog even over mijn dozen heen klimmen als ik naar bed wil, maar dat moet dan maar.
In het voorjaar hoop ik dan even heen en weer te kunnen naar Nederland voor de spullen die daar nog opgeslagen staan. Als ik hier 3 maanden werk, heb ik recht op een week vakantie (en daarna komen er elke maand 2 dagen bij, geloof ik). Tegen die tijd moet ik ook wel genoeg geld hebben om een autootje te huren, of misschien zelfs een tweedehandsje te kopen.

Maandag dus mijn spullen, en daar zitten ook de kabeltjes van mijn camera bij, dus van de week ook weer eens wat foto’s. De foto’s van mijn telefoon staan gelukkig op de SD-kaart, want mijn telefoon is van de week geheel onverwachts overleden. Ik hoop dat het een batterij-probleem is, want bij de spullen die ik maandag ga ophalen, zit ook een reserve-batterij.

Camino de Santiago

Hun eerste stapjes…

Mijn webstatistieken laten er geen twijfel over bestaan: er zijn weer heel wat mensen het nieuwe jaar begonnen met het goede voornemen — ik mag wel zeggen ‘het GEWELDIGE voornemen’ — om dit jaar een stukje te gaan wandelen, naar Santiago de Compostela bijvoorbeeld.

Ik wens jullie allemaal een prachtige tocht!
Neem er je tijd voor, en geniet.

Ultreia. En buen camino!

:schelp: :backpack:   :boot:

roblalau.net

2 Nieuwe metatags

Nieuw bericht op mijn andere blog (categorie Nerd stuff):
2 Nieuwe metatags

Emmaüs

Entre Noël et Saint-Sylvestre

Die titel betekent ‘Tussen kerst en oudjaar’; ’t is best lastig om steeds weer een originele titel te bedenken…
:-)

Ik ben inmiddels 3 weken in Rodez, en ik heb mijn draai aardig gevonden. Met de meeste collega’s kan ik het goed vinden, en ik heb met niemand ruzie; klinkt misschien wat raar om dat laatste te vermelden, maar probeer je even voor te stellen hoe het zou kunnen lopen als zo’n 20 mensen — vrijwel allemaal mannen — niet alleen dagelijks met elkaar werken, maar ook nog eens allemaal in hetzelfde gebouw wonen.

Afgelopen week was ik een week eerste (want enige) chauffeur: Cyrille lag op bed met pijn in zijn rug. Rashid besloot na een paar dagen dat Cyrille op bed mocht blijven, want in die week kregen we vrijwel overal een pourboire (‘fooi’; letterlijk: ‘voor drinken’, €1-€5 pp). Na een beetje reflectie hebben we echter besloten dat dat waarschijnlijk met de feestdagen te maken had.

Vorige week zondag zijn we een dag met een paar man naar Andorra geweest. Een flinke rit om boodschappen te doen (4 uur heen, 4 uur terug), maar de prijzen voor drank en tabak zijn daar erg laag, en omdat we met een paar waren, werd het als Emmaüs-uitje bestempeld, en betaalde Emmaüs de diesel. Officieel is alcohol niet toegestaan in het gebouw, maar we zitten hier op een industrieterrein net buiten de stad, en ’s avonds is er niets anders te doen dan tv-kijken, dus zo’n verbod is niet houdbaar; bovendien zou het niet te controleren zijn, omdat we op onze eigen kamer recht hebben op onze privacy, en dus is dat verbod in de praktijk omgebogen tot ‘zolang je maar niet dronken op je werk verschijnt’. En dus kon ik in Pas de la Case die liter bruine rum voor €3,30 en die liter pastis voor €2,80 niet laten liggen, en €9,99 voor 100 gram tabak is ook een prijs die we in Frankrijk of Nederland al heel lang niet meer gezien hebben. Gelukkig waren we wel alledrie heel bescheiden geweest met onze inkopen, want zo makkelijk als het met mijn kop is om een lift te krijgen, zo makkelijk is het met mijn kop ook om er bij een politie- of grenscontrole uitgepikt te worden (Andorra heeft nog grenscontroles en ik reed); we mochten even aan de kant, maar vervolgens ook gewoon weer verder.

Het kerstdiner was geweldig (of eigenlijk de kerstdiners: kerstavond ’s avonds en eerste kerstdag ’s middags). Eén van de compagnons is jarenlang kok geweest in prestigieuze restaurants, en heeft dat met kerst even laten zien: alles was huisgemaakt, tot en met de foie gras en de boudin blanc. Goed, er waren wat dingen die voor mij niet weggelegd zijn, zoals oesters en slakken, maar er zijn mensen die het met kerst minder goed hadden dan die club daklozen die hier aan tafel zat. Het diner met oud en nieuw wordt door dezelfde kok gemaakt, en dat vindt niemand erg.

Ik hoop van de week de zin te kunnen vinden om weer eens wat foto’s te plaatsen. De kabeltjes van mijn telefoon en camera ben ik vergeten bij Marinette op zolder, zo’n 300 kilometer hiervandaan, met de spullen die ik verwachtte deze winter niet nodig te hebben, dus ik moet alles via bluetooth op mijn laptop zien te krijgen (en dat gaat l.a.n.g.z.a.a.m…).

Voorlopig wens ik iedereen een hele fijne jaarwisseling.

Algemeen

Fijne dagen!

Vanuit Frankrijk wens ik alle volgers fijne feestdagen!

Hier in Rodez hebben we vanavond en morgenavond kerstdiner.
Als het lukt zal ik aan het eind van mijn kater weer een stukje schrijven.

:bwine:  → :wacko:  → :mail:

Algemeen

Geen zorgen

Ik heb vanmiddag een beetje terug zitten lezen op mijn blog, en begrijp nu iets beter de bezorgde reacties die ik de afgelopen tijd op dit blog, in mijn mailbox en per sms mocht ontvangen. Dus ik wil alle volgers en toevallige voorbijgangers even 1 ding meegeven:

GEEN ZORGEN!

Het is misschien niet altijd comfortabel — best weleens lastig, zelfs — maar ik heb het over het algemeen nog best naar mijn zin. Ten eerste houd ik wel van een beetje reuring — het woord ‘soepel’ past niet bij me —, en daarbij vind ik het machtig interessant wat er allemaal gebeurt.

Waarmee ik niet wil zeggen dat ik die berichtjes niet op prijs stel. Te weten dat ik een thuisfront heb, zowel in Nederland als in Frankrijk, helpt behoorlijk bij het ontspannen bekijken van de zaken. (En helpt me beseffen hoe gelukkig ik ben: ik ontmoet de laatste tijd heel veel mensen zonder thuisfront.)

Emmaüs

Emmaüs, Rodez

Het leven is hier helemaal niet slecht.

De eerste week zat ik in een chambre de passage. Zoals de naam al een beetje verklapt, is dat een kamer voor mensen die hier tijdelijk verblijven. Veel Emmaüs-vestigingen hebben zich aangemeld bij 115, om te fungeren als logement d’urgence; omdat er geen andere kamer vrij was, heb ik een weekje in zo’n tijdelijke kamer gebivakkeerd.
Gisteren heb ik dan een meer permanente kamer gekregen, maar we hebben nu al besloten dat ook dat weer tijdelijk is: het kamertje is erg klein, en aangezien er binnenkort waarschijnlijk 1 of 2 compagnons (zo noemen ze Emmaüs-medewerkers) weggestuurd worden, kan ik hopelijk snel over naar een grotere kamer.

Het eten is goed. Kan ook niet anders met 4 koks in de groep. Er is altijd veel keuze (vlees/vis, verschillende groenten), altijd vooraf/hoofd/kaas/dessert, en het is altijd teveel. Het zou me niet verbazen als ik hier weer een beetje ga terugwinnen van de 25 kilo die ik tijdens mijn pelgrimage verloren heb, en tot nu toe nog niet terug heb. Ik heb me dan ook vast voorgenomen om een beetje gebruik te gaan maken van de fitnessruimte die hier staat te verstoffen. (Een fitnessruimte, ja: dat spul komt hier allemaal gratis binnen, dus waarom zou je het niet ergens neerzetten voor de compagnons?)

Het werk is oké. Ik ben tweede chauffeur, dus als er genoeg werk is voor 2 vrachtwagens heb ik mijn eigen wagen, en anders ben ik ’s ochtends bijrijder en ’s middags chauffeur op de eerste vrachtwagen (op die manier kan de andere chauffeur ’s middags een biertje drinken). Het werk is zwaarder dan in de winkel of op het depot, maar van de andere kant zijn de dagen korter: klaar is klaar. Bovendien krijgen we (heel) af en toe een fooi, en zijn we vrijer dan de collega’s.

Er zijn natuurlijk ook weleens ongemakken (zo stoort bijvoorbeeld de enkelband van één van de collega’s op de wifi), maar al met al heb ik het hier niet slecht naar mijn zin. Ik heb het arbeidsbureau al laten weten dat ik voorlopig niet op zoek ben naar werk, en ik solliciteer niet meer. Er staan nog wel een paar sollicitaties open in de Pyreneeën en de Alpen, en als daar nog een reactie op komt, bestaat de kans dat ik ga, maar aangezien het winterseizoen inmiddels is begonnen, verwacht ik geen reactie meer.

Goed, om die 2.000 euro voor een bestelbus bij elkaar te krijgen, moet ik hier een klein jaartje werken, maar ja: het loopt zoals het loopt…

Algemeen

De kerstdagen komen er weer aan

De feestdagen komen er weer aan. En zoals je allang weet (en ik je de afgelopen jaren een aantal keer herinnerd heb) zijn er mensen die in die periode wat extra aandacht kunnen gebruiken.

Het is dus weer hoog tijd om je te melden bij je plaatselijke bejaardentehuis, daklozenopvang, psychiatrische instelling of ziekenhuis, zodat je nog op tijd bent om een mooie en dankbare invulling voor je kerst en/of oud en nieuw te vinden (een kerstdiner voor anderen serveren is echt veel leuker dan je zelf veel te vol vreten).

En bedenk, ter extra motivatie: het zou je eigen zwerver kunnen zijn.

Kom op. Doe jezelf een plezier.