In 2014 liep ik van Wateringen in Nederland (in het Westland) naar Fisterra in Spanje (ten westen van Santiago de Compostela).
Daarna besloot ik om niet terug te keren naar Nederland, maar verder te zwerven. Onderweg werk ik om in mijn onderhoud te voorzien.
Ik bevind me momenteel in Frankrijk.

Eten & drinken

Let op:
Ik ben geen voedingsdeskundige; ik praat alleen uit eigen ervaring.

Eten

Het is grappig om te zien dat de diëten van mensen die al langer hebben gelopen allemaal op elkaar gaan lijken.

Vrijwel alle supermarkten verkopen drinkyoghurt. Dit vult, voedt, en wordt bovendien altijd gekoeld verkocht, wat zeker op warme dagen erg welkom kan zijn.

In Frankrijk is fruit best duur. Een blik fruitcocktail is dan een prima alternatief.
In Spanje kost fruit soms bijna niets, en voor 30 of 40 cent heb je al een flink stuk meloen.
Een banaan is een energiebommetje, maar niet erg geschikt voor in de rugzak. Een appel is lekker stevig, en dus juist wel erg geschikt voor in de rugzak.

In de warmere streken groeit best veel fruit langs de weg; let op bramen, pruimen, peren, appels, perziken, vijgen, enzovoort. Ook zul je veel walnoten en (tamme) kastanjes tegenkomen. Een bekend gezegde onder pelgrims: Wat boven de weg van de pelgrim groeit, is voor de pelgrim.

Vrijwel elke pelgrim heeft in z’n rugzak een combinatie van 1 of meer van:

  • gedroogde vruchten
  • noten
  • koekjes
  • mueslirepen
  • krentenbollen
  • chocoladebroodjes
  • enzovoort

Die dingen zijn niet alleen lekker voor tussendoor, maar kunnen ook dienst doen als noodrantsoen als je ergens strandt waar geen winkels of restaurants zijn.

Neem van koekjes en aanverwante zaken altijd de per stuk verpakte, zodat je restjes langer kunt bewaren.

Vlees (beleg bijvoorbeeld) is niet erg geschikt, omdat dat snel kan bederven in een warme rugzak.

Kaas kan wel, maar neem dan een harde kaas, of eventueel een kaas in een doosje. Van een stuk Brie in een papiertje krijg je spijt: dat wordt in elkaar gedrukt en vind je, als het tegenzit, door je hele rugzak terug. Een sterk ruikende kaas is uiteraard ook niet handig, tenzij je het lekker vindt om in een slaapzak te slapen die naar je kaas ruikt.

In Frankrijk kun je bij veel bar-restaurants tussen de middag (tot een uur of 2) voor 8 of 10 euro een plat du jour krijgen. Deze dagschotel wordt ‘s avonds niet geserveerd, of is dan duurder. Verwar de plat du jour niet met het menu du jour, want die heeft meer gangen en is dus duurder.

In Spanje kun je bij veel restaurants een menu del dia krijgen voor tussen de 8 en 10 euro. Dat is een 2-gangen menu inclusief water of wijn (naar keuze). Langs de camino zie je ook vaak de term menu peregrino; dit komt op hetzelfde neer.

Drinken

Water is belangrijk. Veel water.
3 Of 4 liter op een dag is niet raar, en op warme dagen kun je daar gerust nog 2 liter bij optellen.

Verlaat nooit een dorp met een (bijna) lege waterfles.

Als je smaak aan je water wilt geven, kun een citroen boven je waterfles uitknijpen.

Als je water op is, kun je altijd overal aankloppen om je fles te laten vullen (particulieren, bedrijven, overheidsgebouwen). Het is mij nog nooit gebeurd dat ik zonder water weggestuurd ben. Wel is me regelmatig overkomen dat mensen er ongevraagd wat ijsklontjes in deden, of me uitnodigden om even in de schaduw wat te komen drinken of een praatje te maken.

Kun je nergens terecht voor water, kijk dan uit naar een begraafplaats; die hebben altijd een kraan (voor de bloemen). Houd er wel rekening mee dat dit water soms door oude leidingen gaat, en dus niet altijd heel lekker is.
Op begraafplaatsen staan trouwens ook meestal bankjes waarop je kunt uitrusten en lunchen, en soms zijn er zelfs wc’s.

In Frankrijk heeft elk dorp en iedere stad tenminste 1 publiek toilet; begin met zoeken bij de mairie (gemeentehuis) of de salle de fêtes (feestzaal).
In Spanje tref je op vrijwel ieder dorpsplein een kraan.

Een bordje bij een kraan of fontein met de tekst ‘Eau non potable‘ (Frankrijk) of ‘Agua no potable‘ (Spanje) wil zeggen dat je het water niet moet drinken.

Caffeïne (koffie, thee, veel frisdranken) en alcohol zijn vochtafdrijvers, en zijn dus niet goed tegen de dorst.

Zet ‘s nachts een fles water naast je bed; als je overdag te weinig drinkt, zul je ‘s nachts een paar keer wakker worden van de dorst.

Heb je moeite met poepen? Grote kans dat je een beetje uitgedroogd bent. Drink een liter water, en probeer het na een half uurtje nog een keer.

Voelen je benen aan als pudding of heb je (teveel) spierpijn? Meer water drinken!

Pijn in je nieren / in je zij / in je onderrug? Heel snel meer water gaan drinken!

Drink je ‘s morgens graag koffie? Neem dan zakjes oploskoffie mee; de meeste gîtes/albergues hebben wel een waterkoker of magnetron om water te koken, en op campings kun je in het sanitairgebouw vaak wel wat warm water tappen voor een lauwwarm bakkie. Een glazen pot oploskoffie is natuurlijk veel te zwaar.